Stamboom Jeroen van Rijswijk


Versie 20-11-1996

De eerste periode

Over de periode 1400-1590 zijn een aantal personen bekend. Zeer vermoedelijk kunnen deze personen, samen met nog mogelijk enkele andere, na bestudering van nog niet onderzochte akten een complete afstammeling vormen.
In de archieven over het Cuijkse leenhof vinden we in omstreeks 1400 een Willem van Rijswick die woonachtig is op een landstuk dat de Vliegenberg heet:

Willem VAN RIJSWICK.
Al voor 1435 woonachtig op het leengoed De Vlygenbergh gelegen bij het Warmoor (moeras) in het gericht van Maashees en Holthees.
(Cuijks leenhof 7.)

In dit zelfde archief vinden we een Arnt van Rijswick die, vermoedelijk van zijn vader (de bovengenoemde ?) Willem, het landgoed de Vliegenberg in beheer had. Dit levert een stukje stamboom op van drie generaties. De bron Douma verwijst naar de archivaris van het land van Cuijk die veel onderzoek heeft gedaan in het Cuijkse leenhof:

Arnt VAN RIJSWICK.
Erft in 1435 het leengoed (van zijn vader Willem?)
(Bron: Douma)
Arnt krijgt twee zoons:
1.Willem, overl. ca. 1458.
Erft in 1454 het leengoed van zijn vader.
(Bron: Douma)
2.Michel VAN RIJSWIJCK, zie hieronder verder.

Michel VAN RIJSWIJCK, overl. ca. 1525, tr. Alijt.
Erft in 1458 het leengoed van zijn broer Willem.
(Bron: Douma)
Uit dit huwelijk:
1.Henrick VAN RYSWYCK Mychielsen.
Ongeveer in 1525 ontvangt Henrick het goed te Ryswyck onder het gericht van Vierlingsbeek. Op 16 augustus 1529 gaan andere delen van het leengoed, te weten de hofstad De Vliegenbergh bij de gemene berg en de Warmoer, groot ongeveer 20 kleine morgen ook op Hendrick over.
(Bron: Cuijks Leenhof 5, folio 143, transportakte van 9 oktober 1529.)

Als we nu kijken naar onze situatie kunnen we vaststellen dat al voor 1435 Willem van Rijswick het leenhof in handen had. In 1529 zien we dat het na vier generaties nog steeds in de familie is. In de akten over het leenhof ten tijde van de eerste genoemde Henrick van Rijswijck zien we dat omstreeks 1530 hoe groot "zijn" land is: 20 kleine morgen (zo een 18 hectare.) In 1571 wordt weer de omvang van de Vliegenberg vermeld: deze is nog steeds 20 kleine morgen. In de laatste jaren van de 16e eeuw was het goed de Vliegenberg een van de stukken land die in beheer was door Henrick van Rijswijck. Deze stukken land werden of zelf verbouwd, of andere boeren mochten er (tegen betaling met een deel van de oogst!) gewassen op verbouwen.
Zodoende verkreeg de familie Van Rijswijck maatschappelijke invloed in Vierlingsbeek en omgeving. Veel transacties van geld, oogstopbrengsten en dergelijke staan vermeld in de akten en zijn dus een belangrijke bron. Zoals al eerder vermeld zijn enkele (nog geen tien procent) van alle akten over het leenhof van de familie Van Rijswick onderzocht. Verder onderzoek zal dus veel meer duidelijk maken.

In de schepenakten van het dicht bij Vierlingsbeek gelegen Beugen vinden we ene Arnt van Rijswick. Wat deze Arnt precies met bovenstaande familie te maken heeft, is onbekend. Zeer waarschijnlijk, ook gezien zijn voornaam, hoort hij bij deze familie.

Arnt VAN RIJSWICK, schepen van Vierlingsbeek 1527.
(Vermeld in schepenakten van Beugen.)


Bewezen deel van de stamboom

Van de periode 1400-1529 zijn dus een aantal fragmenten gevonden die zeer waarschijnlijk bij elkaar horen. Bedenk dat de periode 1530-1590 in de Nederlanden een zeer rumoerige was: denk aan de beeldenstorm en het begin van de Tachtigjarige Oorlog. Je zou kunnen zeggen dat er toen een crisis heerste. In de archieven is dit dan ook te merken. Deze periode is matig gedocumenteerd.
Gelukkig vinden we (weer in het Cuijks leenhof) een vermelding over de familie Van Rijswijck. het gaat hier om ene Henrick Arntsoen. We zien direct dat de vader van Henrick van Rijswick dus Arnt heet. Dit is een bekende voornaam. Merk op dat deze Arnt niet dezelfde kan zijn als bovengenoemde schepen van Vierlingsbeek.
Het blijkt dat Henrick Arntsoen van Rijswick schepen van het aangrenzende plaatje Maashees is geweest. Ook heeft hij een bijnaam, namelijk Den Vliegenberg. En inderdaad had hij het veel vermelde leenhof de Vliegenberg al in 1571 in leen. Haast zeker (alleen een vermelding in bronnen ontbreekt nog) is hij dus een afstammeling van de eerder vermelde Hendrick die in 1529 het leenhof al had. Dit laatste probleem is het grootste hiaat tussen de eerste periode en de hieronder volgende bewezen stamboom.

Generatie I

Arnt VAN RIJSWIJCK.

Generatie II

Henrick Arntsoen VAN RIJSWICK "den Vliegenberch", schepen van Maashees 1601-1631, overl. Vierlingsbeek 15-4-1633, begr. Vierlingsbeek 1633, tr. Aertken.
Op 12 mei 1571 gaat het leengoed over op Henrick.
Op 14 december 1595 hebben Reynier Jans en Jaecxken e.l. opgedragen aan Hanrick van Ryswick en Aertken e.l. een huis en hofstad met daarbij behorende landerijen, gelogen te Holthees, grenzende aan de gemeyn straet en de erven van Huybert Vergeest, het Convert van Venray en Meus Lynssoen.
(Schepenakte regest 3)
Op 14 januari 1596 dragen Hanrick van Ryswick en Aertken e.l. op aan Jan Jacopssoen, genaamd den Muller, een erfbrief die melding maakt van een huis en hofstad met daarbij behorende landerijen.
(Schepenakte regest 4)
Op 9 april 1600 verklaren Hanrick Arnts van Ryswick en Aertken e.l. dat Henrick Jans en Kaecxken e.l. aan hen hebben afgelost een rente van 1,5 malder rogge, gaande uit onder Holthees gelegen panden.
(Schepenakte regest 9)
De grafsteen van Henrick van Rijswick is nu gemetseld tegen de buitenmuur van de Nederlands Hervormde kerk in Vierlingsbeek.

Generatie III

Jasper (Casper) Hendricx VAN RIJSWIJCK, schepen van Maashees 1634-1641, overl. ca. 1653, tr. ca. 1610 Jenneken PAUWELS.
Op 7 mei 1612 hebben Peter van der Wert Janssoen en Neesken e.l. opgedragen aan Jasper Hanricx van Ryswick en Henneke e.l. een rente van 57 gls. te betalen op Sint Andriesdag gaande uit:
a)een waard van ongeveer 2 morgen en 1 vierdeel, grenzende aan de erven van Michiel Thonissen en Gaert Simons en de gemene steeg en de Maas;
b)een koeweide, groot 3 morgen, grenzende aan de erven van Derick Franssen en voornoemde Jasper en de Lege en Hoge Stege;
c)een huis en hofstad op den Weert met bijbehorende landerijen, grenzende aan de erven van Michel Peters en Jan Arts, de Mistweg van het goed op ten Weert en de gemene Hoogenweg;
d)een stuk teelland, groot ongeveer 6 morgen, grenzende aan de erven van Hendick Franssen, voornoemde Jasper en Jan Verosmuelens en de gemene Hogeweg.
(Schepenakte regest 27)

De volgende schepenakte over het leengoed van Jasper van Rijswijck vermelt (in de onderdelen de e) en f)) de precieze lokatie van het leengoed den Weerd. (Zie de kaart van Vierlingsbeek en omgeving.)
Op 18 februari 1613 hebben Peter Jan Heijensoen en Neesken e.l. aan Jasper Henricxsoen van Rijswick en Jenneke e.l. opgedragen:
a)een huis, hof en boomgaard met land en dries, grenzende aan de weg van Holthees naar de Maas, de gemene Hogeweg en de erven van Michel Peters, Jan en Jacob Aerts.
b)een stuk land, genaamd den Weert, grenzende aan de erven van Gaert Simons, Michiel Thuenis, de Overstege en de Maas.
c)een weide, grenzende aan de erven van Derick Franssen en Frans Dericx, de Marsweg en de Oeverweg.
d)een stuk teelland. Groot 6,5 morgen, grenzende aan de Beijerssenweg, de Hogeweg en de erven van Jasper en Jan Verrosmuelen.
e)drievierendeel land op den Hogen Velde gelegen, grenzende aan de erven van Art Dericks, Jan op de Beijck van Merselen en Hanrick van Randenraet en de gemene Hogeweg.
f) een stuk land, genaamd den Galchberg, dries- en bouwland, grenzende aan de Voormeer, Hollenders erf, de weg van Holthees naar de molen.
(Schepenakte regest 29)
Op 16 mei 1636 erft Jasper de Vliegenberch, de hofstad met toebehoren.
(Cuijks Leenhof)
Op 23 juni 1639 heeft Jasper Henricx van Rijswijck met zijn consorten gepand alle gerede en ongerede goederen van wijlen Joost Pouwels voor 150 Hollandse guldens terzake van gekocht hout en daar Ietgen ter Horst en Tijs en Jan Huijben, gehuwd zijnde met zusters van voornoemde Joost, als mombers van het onmondige kind van Joost, van verwittigd heeft.
(Schepenakte regest 151)
Op 12 december 1639 heeft Jasper Henricx met zijn consorten zich conform Cuijks landrecht laten inleiden in zijn gewonnen goed en ruiming gezonnen heeft.
(Schepenakte regest 157)
Op 27 mei 1649 vernieuwd Jasper de eed over het leen de Vliegenberch.
(Cuijks Leenhof)

Generatie IV

Francis (Frans) Jaspers VAN RIJSWIJCK, overl. na 1687, tr. Gerarda (Geertjen).
Erft het goed op 5 april 1653 na de dood van zijn vader Jasper. Na verlating raakt Francis het leen kwijt en gaat het over op Willem Jans van het Hertsel.

Bovenvermelde Frans van Rijswijck raakte het leengoed dus kwijt. Waarom staat niet vermeld. Mogelijk omdat hij niet het geld had om de leen te betalen. Hiermee komt een einde aan de ruim 250 jaar bezit van het leenhof de Vliegenberg door de familie Van Rijswijck. De verarming van de familie treedt nu echt in: van "grootgrond bezitters" (leners) zijn ze van de maatschappelijke ladder gedaald tot boerenkinkels.

Generatie V

Gerardus VAN RIJSWIJCK, ged.(RK) Vierlingsbeek 16-5-1671 (Get.: Zins(?) Joris.. en .?.?.?.), tr.kerk Geysteren 1-5-1697 (Get.: Leonardus Leeffkens en Wilhelmus Aerts) Gerarda GERITS, geb. verm. Vierlingsbeek.

Generatie VI

Casparus (Jasper) VAN RIJSWICK, ged.(RK) Geysteren 16-11-1707 (Get.: Henricus van Rijswic, Anna van de Heuvel en NN Ermgarda), overl. Geysteren 23-4-1787, tr.kerk Wanssum 8-5-1738 Willemina HENCKENS.

Generatie VII

Jacobus VAN RIJSWICK, ged.(RK) Geysteren 7-1-1756 (Get.: Jacobus Henckens, Joannes Knops, Maria Baltesen en Joanna van Rijswijck), akkerman, overl. Geysteren 20-9-1803 (3e jour compl. XI), tr.kerk(1) Geysteren 18-1-1781 (Get.: Joannes Janssen en Joanna van Rijswijck) Mechtildis JANSSEN, geb. verm. Oirlo ca. 1752, overl. Geysteren 30-5-1799 (11 prairial VII), tr.(Burgerlijke Stand)/tr.kerk(RK)(2) Meerlo/Geysteren 10/22-4-1801 Aldegundis (Aldegonda) FLOEREN (Fleuren), ged.(RK) Arcen 18-1-1762 (Get.: Michael Vervourt en Theodora Kleever), dr. van Stephanus Floeren en Antonia Lamers.

In de periode 1790-1820 is Nederland na ene bezetting van Napoleon uitgegroeid van Bataavse Republiek tot een Koninkrijk. In tien- en twintiger jaren van de 19de eeuw is na de oorlog veel werk te verzetten. Mogelijk hierom verlaat Willem van Rijswijk zijn geboorte dorp Wanssum. Al voor 1823 woont hij in Groesbeek, waar hij zijn vrouw Margaretha Verwij ontmoet. Willem was de eerste in de reeks van vele metselaars uit de familie Van Rijswijk:

Generatie VIII

Wilhelmus VAN RIJSWIJK, ged.(RK) Geysteren 2-9-1796 (Get.: Henricus Steltjens, Martinus Smits, Eva Theeuwen en Petronella van Cuijck), metselaar, overl. Groesbeek 27-12-1847, tr. Groesbeek 30-4-1823 Margaretha VERWIJ, ged. Beek 7-1-1805, herbergierster, overl. Groesbeek 27-1-1869, dr. van Petrus Verwij, boerenarbeider, en Catharina Willemsen.
Al voor 1823 woonachtig in Groesbeek.

Generatie IX

Jasper VAN RIJSWIJK, geb. Ubbergen 10-8-1831, metselaar, overl. Groesbeek 18-6-1917, tr. Nijmegen 2-5-1861 Johanna Maria RUTJES, geb. Huissen 15-2-1836, dienstmeid te Nijmegen (1861), overl. Groesbeek 10-10-1879, dr. van Hendrikus Gijsbertus Rutjes, broodbakker, rentenier, en Aleida Richarda Brans.
Signalement van Jasper in 1850: lengte 1 m 495 mm, aangezicht smal, voorhoofd rond, ogen blauw, neus breed, mond groot, kin plat, haar en wenkbrauwen bruin, merkbare tekenen: gaat kreupel. Afgekeurd voor militaire dienst vanwege verkorting van het been.
(Huwelijksbijlagen, Nat.Militie)

Generatie X

Willem VAN RIJSWIJK, geb. Beek 28-4-1862, metselaar, overl. Berg en Dal 13-11-1928, tr. Ubbergen 14-5-1890 Theodora VAN GISTEREN, geb. Zyfflich 14-11-1860, overl. Beek 18-12-1943, dr. van Johan van Gisteren, arbeider, dagloner, en Hendrina Büdenbruck, dagloonster.

Generatie XI

Theodorus (Theo) VAN RIJSWIJK, geb. Groesbeek 26-2-1898, hoofd van de timmerwerkplaats Honig te Nijmegen tussen 1921 en 1961, overl. Nijmegen 14-8-1980, tr. Nijmegen 2-10-1921 Hendrika Geertruida GIANOTTEN, geb. Zutphen 31-7-1899, huisvrouw, dr. van Johannes Antonius Gianotten, pakhuisknecht, winkelbediende en Hendrika Woutertje Hendriks.

Generatie XII

Wilhelmus Johannes (Wim) VAN RIJSWIJK, geb. Nijmegen 30-1-1922, betonconstructeur, tr. Nijmegen 12-5-1953 Cornelia Wilhelmina (Greet) Engelaer, coupeuse, dv. Antonius Johannes Engelaer, schipper en werkman PGEM, en Cornelia Wilhelmina Wanders, huisvrouw en naaister.

Generatie XIII

Jeroen VAN RIJSWIJK, geb. Nijmegen 9-11-1971, student Wiskunde Katholieke Universiteit Nijmegen.

Tijdstabel

Als we alle gegevens op een rijtje zetten dan verkrijgen we de volgende tijdstabel. Let op de volgende punten:
PeriodePersoonBijzonderheid
ca. 1410Willem van Rijswickeerste vermelding Den Vliegenberg
1435Arnt van Rijswick.
1458Willem en Michel van Rijswijck mogelijk zonen van Arnt
1525, 1529Henrick van Rijswijck Michielsen.
1527Arnt van Rijswijkschepen van Vierlinksbeek
1601Arnt van Rijswijkbewezen stamvader
1571-1633Henrick Arntsoen van Rijswickschepen van Maashees (1601-1631)
1600-1653Jasper Hendricx van Rijswijckschepen van Maashees (1634-1641)
1653-1687Frans Jaspers van Rijswijcklaatste bezitter van het leenhof de Vliegenberg
1671-1715Gerardus van Rijswijck.
1707-1787Casparus (Jasper) van Rijswickwonende te Geysteren
1756-1803Jacobus van Rijswickakkerman te Geysteren
1796-1847Willem van Rijswijkvertrok voor 1823 naar Groesbeek, metselaar
1831-1917Jasper van RijswijkMeester metselaar
1862-1928Willem van Rijswijkmetselaar
1898-1980Theo van Rijswijktimmerman bij Honig
1922-nuWim van Rijswijkbetonconstructeur
1971-nuJeroen van RijswijkStudent Wiskunde

Als alles aan elkaar gepraat kan worden, dan komt vermoedelijk de periode 1400-1529 in de stamboom als beginstuk voor. Dit zou dan een totale stamboom opleveren met een lengte van ongeveer 20 generaties.
1